De trein: deel II

Door Ramon Kool

Ramon Kool
H
ij kon de geur niet helemaal thuisbrengen. Hij rook bleekmiddel, althans die variant die zijn moeder vroeger gebruikte in de wc. Maar ook de onmiskenbare geur van een frietje mét, met de daarbij horende hamburger dacht hij te herkennen. Toen hij weer wat stappen verder was, hoorde hij ook de ontbrekende geluiden die bij de geuren hoorde; een luidkeels gesmak van iemand die de kunst van het eenhandig hamburgereten niet helemaal onder de knie had.

De trein is de best bewaarde teleurstelling van het culinaire circuit. Zo. Dat is er uit. De trein, met al zijn handigheden met betrekking tot het verplaatsen van jezelf, heeft ook enorme nadelen. Nu snap ik best dat mensen soms haast hebben en daardoor in de spits snel even een frietje willen eten in de intercity van Utrecht naar Amsterdam. Geloof me, dat begrijp ik. Ik heb zelf ook wel eens wat gegeten in de trein, hoewel ik meer het type ben voor een bagel met zongedroogde tomaten en pesto, maar gegeten heb ik! Dat is het probleem ook niet. Maar ik houd rekening met het moment. Ik weet dat ik in de spits niet meer moet scoren dan die enkele bagel, hoewel mijn maag het hier stellig niet mee eens is. Ik weet namelijk dat de kans groot is dat ik moet staan in de spits. Niet bij mijn normale route, maar bij de drukke trajecten is de kans meer dan enorm te noemen. Vandaar. Een bagel staand eten met een ietwat te grote man naast je is nog te doen. Ook om het daadwerkelijke eetmoment en eventuele geurverspreiding tot een minimum te beperken. Maar ik zie ook dikwijls mensen met een hamburger, frietje oorlog, emmer cola (het zijn echt geen bekers meer te noemen) en een ijsje. Laat dit nou ook precies die mensen zijn die vinden dat een maaltijd visueel en auditief met iedereen gedeeld moet worden en je hebt een beeld. Maar het gaat verder. Zie deze culinaire hoogstandjes voor je en plaats die dan ook nog in de enkele losse hand van die persoon, die zich met zijn andere hand probeert staande te houden vanwege de drukte. Je hoeft geen Nina Brink te zijn om te beseffen dat dit compleet gaat mislukken.

Maar dat is slechts het eten. Er is meer! Zo beschikken de meeste treinen over een wc. Misschien dat de term wc iets te hoog gegrepen is voor een stuk afwezige bodem dat over rails dendert, maar het principe blijft hetzelfde. De NS heeft zelfs zijn best gedaan om het ontbrekende stukje bodem het uiterlijk te geven van iets wat enigszins op een wc zou moeten lijken. Maar toch gaat het mis. Je zou denken dat de,... laten we ze nu maar even afvalstoffen noemen,... gelijk zouden verdwijnen in het ontbrekende stukje bodem en zich knus zouden hechten op een stuk metaal ergens tussen bijvoorbeeld Geldermalsen en Houten. Ja, dat zou je denken. Maar dan ga je er van uit dat het de mensen is gelukt om de afvalstoffen in de richting van het ontbrekende stukje bodem te krijgen en laat daar nou net het probleem liggen van deze analyse. Dit lukt de meeste mensen namelijk niet. Nou weet ik ook dat een trein veel heen en weer beweegt (iets wat ik nog steeds merkwaardig vind, aangezien rails mij enorm recht doen overkomen), maar toch,... om dit nou een übercomplexe techniek te noemen vind ik ook wat te ver gaan. Maar dit is dus de reden dat er altijd een weinig subtiele odeur de treintoilet omhelst zoals een moeder haar pasgeboren kind.

Kortom, aan geuren geen tekort. Het is nu daarom ook hopen dat er naast een stiltecoupe ook een geurloze zone wordt ingericht. Maar ik houd me adem niet in tijdens het wachten, dat doe ik wel in de trein zelf.